Gemeentebrief ds. Eeuwout Klootwijk Gemeentebrief ds. Eeuwout Klootwijk

Onze Lieve Vrouw van de toren

In het museum Catharijneconvent in Utrecht is er een tentoonstelling ‘Allemaal wonderen’. Toen Jorine en ik daar doorheen dwaalden, kwamen we bij een bord ‘bedevaartsplaatsen in Nederland’. Ook Oost-Souburg staat daarop. Was Oost-Souburg een bedevaartsplaats? Ik zocht het op in het boek over onze kerk, geschreven door Frans Zuurveen: Een vaste burcht. Kroniek van een kerk uit 2008. Samenvattingen staan op de website www.pgos.nl, onder het kopje Informatie, Ons kerkgebouw. De eerste kerk op Souburg werd in 1250 voltooid. Het is zelfs de eerste aan Maria gewijde kerk op Walcheren, volgens het Meertens Instituut. In de loop van de tijd kwamen er kapellen die gewijd waren aan Sint Nicolaas, de beschermheilige van de zeevarenden, en aan de Maagd Maria (in 1346). In de 15e en 16e eeuw was het object van devotie een stenen Mariabeeld dat in een nis in de gevel van de toren was geplaatst. Het stond in de volksmond bekend als O.L. Vrouw van den Toren. Heer Adriaan van Borsselen bepaalde in zijn testament van 1466 dat er kaarsen gebrand moeten worden voor ‘onser Vrouwen beelt opthen thoren’.

Ik heb zelf een Mariabeeld, dat een tijd onder een lampenkap heeft gestaan, en dat ik speels (niet spottend) de naam gaf van Maria onder de lampenkap. Onze Lieve Vrouw van de Toren klinkt verhevener. Er kwamen pelgrims op af. De tijd van de Reformatie veranderde alles. De kerk wordt flink beschadigd en het fraaie beeld van Maria wordt aan een touw naar beneden getrokken en valt daar in stukken uiteen. Schout Adriaen de Deckere, verantwoordelijk voor de handhaving van de orde, grijpt niet in en is een van de beeldenstormers, samen met zijn vrouw Petronella Pieters van Turnhout. Zij werden in 1569 veroordeeld door een Spaansgezinde rechtbank in Middelburg. Het echtpaar kreeg hiervoor tot de strop. In 1575 ging de kerk over in protestantse handen en kwam er definitief een eind aan de bedevaartpraktijken in Oost-Souburg. In ons dorp herinnert niets meer aan de vroegere Mariaverering. Wel worden de veroordeelde beeldenstormers geëerd met straatnamen: De Deckerestraat en Van Turnhoutstraat. Verdient Maria geen eerherstel? Niet alleen uit historisch oogpunt, maar ook omdat Maria een grotere plaats verdient dan ze in protestants perspectief heeft gekregen.

Ik betwijfel de haalbaarheid bij de burgerlijke gemeente om een straatnaam te bepleiten: Maria van de Torenstraat, of Onze Lieve Vrouw van de Torenplantsoen. Misschien zouden we onze kerktuin zo kunnen noemen: Maria van de Torentuin? Of zou dat de naam kunnen zijn van de kapel die nu in deze coronatijd elke dag uitnodigt om er even stil te zijn, een kaarsje te branden? De Maria van de Torenkapel. Ik ben voor.

Allemaal wonderen

Nog even terug naar de tentoonstelling ‘Allemaal wonderen’ in Utrecht. De vraag wordt opgeroepen wat je zelf als een wonder ervaart, wat voor jou een wonder is. Zonder iets af te willen doen aan de verhalen en ervaringen van anderen, heb ik zelf meer de ervaring van het wonderlijke in het alledaagse. Ik vind het een wonder dat ik besta, dat ik leef. Ik vind het een wonder dat er mensen zijn die van mij houden en van wie ik houd. Toon Hermans keek in een van zijn shows naar zijn hand, bewoog zijn vingers en zei (in mijn herinnering): Wonderlijk, zie je dat, ze bewegen. Hoogleraar spiritualiteit Hein Blommestijn op het Titus Brandsma Instituut in Nijmegen, van wie ik les heb gehad, vertelde dat hij elke morgen het als een wonder ervaart dat hij weer wakker wordt. Een wonder is dat God van mensen houdt en het volhoudt met ons. Ik zou er genoeg van krijgen, van dat zootje ongeregeld, maar God wordt niet moe ons te omspelen met zijn liefde. Ik ben wel benieuwd wat jij, lezer, als een wonder ervaart? Ligt dat in het kleine, het gewone, het dagelijkse? Of is dat toch iets buitengewoons? Heb je hier een verhaal bij? Vertel, schrijf of e-mail het mij.

Eeuwout Klootwijk

 

 

terug