Taakgroep eredienst Taakgroep eredienst

De voorganger

Nu ik 25 jaar predikant ben, zou ik toch moeten weten wie je als voorganger bent en wat je dan doet. Voor een deel is dat ook zo: ik bereid diensten voor, voer pastorale gesprekken, geef met de kerkenraad leiding aan de gemeente, schrijf voor het kerkblad, denk mee in allerlei vergaderingen. Maar tegelijkertijd ervaar ik het dominee-zijn ook als iets merkwaardigs. Heb ik een directere band met God? Nou nee, en toch spreek ik over en met God. Ben ik een betere gelovige? Gelukkig niet, en toch vertel ik veel over geloven, al heb ik het dan vaak over vertrouwen en op weg gaan. Spreek ik namens de gemeente tot God of namens God tot de gemeente? Geen van beide, of toch van allebei wat. Ik pendel wat heen en weer, zonder ooit helemaal precies te weten namens wie of wat.

Wat doe ik eigenlijk? Ik leg de schriften uit. Weet ik dan zo goed wat daarin staat? En hoe weet ik hoe ik dat moet uitleggen? Ik heb er voor geleerd en ben hoog opgeleid. Heb ik daardoor een beter inzicht? Is maar de vraag. Weet ik meer dan anderen? Soms denk ik dat de vragen alleen maar zijn toegenomen. Ik stel ook veel vragen in de preken. Preken is immers niet: antwoord geven op vragen die je je niet stelt. Wat is preken dan wel? Een monoloog? Zitten anderen daarop te wachten? Toch krijg ik regelmatig positieve reacties. Zit ik dan goed of juist niet? Wat betekent het dat ik een toga of gebedsmantel aantrek? Kan het ook zonder? Helemaal zonder uiteraard niet, dan zou ik belanden in het sprookje van de keizer zonder kleren. Zijn bijbelverhalen sprookjes? Nou nee, maar de Bijbel is ook weer geen geschiedenisboek of zegt iets wetenschappelijks over ons of onze wereld. Wat dan wel? Ik heb het vaak over verhalen die te maken hebben met onze levens, maar raakt dat dan ook werkelijk aan de levens van mensen die dit aanhoren? Het is een raar beroep, predikant. Of moet je eerder spreken over ambt? Welke vrijheid en verantwoordelijkheid kleven aan dit ambt? Heb ik een voorbeeldfunctie? En hoe werkt dat dan uit?

Vroeger zou ik gek worden van al deze vragen. Nu voel ik me erin vrij. Ik hoef niet alles te weten om dit mooie werk gewoon te blijven doen, met vallen en opstaan. Wonderlijk blijft het wel.

Eeuwout Klootwijk


 

terug